De Kerststal - een eeuwenoude traditie

uitgelegd in woord en beeld door Scheutisten.

 

Uit een Kerstpreek van wijlen André Loyson

Kerstmis is het geboortefeest van de Heer Jezus. De traditie van de kerststalletjes begon in Italië met Sint Franciscus. De Heilige Bonaventura beschrijft in zijn biografie over Franciscus hoe deze, met zijn broeders en met het volk, Jezus’ geboortedag wilde vieren met een kribbe, een os en een ezel. Zijn klooster was daar niet voor geschikt en hij vond een grot met een platte ruimte ervoor. In die grot plaatste hij een kribbe gevuld met hooi om daar het Kerstkindje op neer te leggen. Broeder Leo zorgde voor de os en de ezel. Veel volk kwam opdagen voor de nachtelijke kerstviering in de maneschijn. Voor de viering begon stond Franciscus met broeder Leo te mediteren vóór de kribbe, de os en de ezel. Tranen van ontroering vloeiden over zijn wangen. Hij sprak tot broeder Leo: “Hieraan moeten de mensen toch wel herkennen en begrijpen hoezeer God ons liefheeft, Hij die op deze wijze mens is willen worden om ons van Sczondeschuld te bevrijden, ons te bekleden met gerechtigheid en ons toegang te verlenen tot eeuwig leven.”Maria met kind

Dit werd de eerste kerststal in de geschiedenis. Broeder Leo vertelde nadien dat hij daar een visioen gekregen had. Hij zag op het hooi in de kribbe een wondermooi kindje liggen. Het stak op een gegeven moment zijn handjes naar Franciscus uit en deze nam het in zijn armen, legde het zachtjes tegen zich aan en na een hele poos legde hij het kindje weer op het zachte hooi en zei:” Broeder Leo, waak bij de kribbe terwijl ik mijn homilie voor de mensen ga houden vóór de grot.”

Franciscus sprak over Maria, hoezeer zij verlangde dat onze harten zelf een kribbe zouden worden waarin Jezus kon geboren worden en hoe we ons daartoe moesten voorbereiden en waardig maken. Maria is de moeder van het kindje maar Jezus heeft later eens gezegd: “Hij die de wil doet van mijn Vader in de hemel, die is voor mij een broeder, een zuster en een moeder!” (Mt 12,50)

De wil doen van God in ons leven, dat kunnen we maar als wij luisteren naar het evangelie in de Heilige Mis en de woorden van de Heer in ons hart bewaren om ze in ons leven te vertalen,-als wij warmte en liefde opbrengen voor de medemens,- als we broederlijk delen met de behoeftigen, - als we vrede bewerken en ons telkens weer van harte met anderen verzoenen, - als we verzaken aan dingen waaraan we ons teveel zijn gaan hechten en als een bekoring verwerpen ons te laten overspoelen door binnenwereldse zaken en waarden om aldus het essentiële uit het oog te verliezen, namelijk de innige godsdienstige verbondenheid met God en met Zijn Zoon Jezus, onze Verlosser, Heiland en Zaligmaker…

 

Ook Jezus kreeg een dakDe Japanse kerststal van Willy Heijmans

Willy Heijmans heeft elementen uit de cultuur, de geschiedenis en de natuur van Japan op unieke wijze in zijn kerststal verwerkt. Zo beelden de hoogste berg van Japan, de Fuji en het beroemde kasteel van de stad Himeji de achtergrond van zijn kersttafereel.

De drie wijzen, die hulde komen brengen aan het kind zijn belangrijke figuren uit de geschiedenis van het Christendom in Japan.
Ook actuele vragen zoals de opvang van vluchtelingen ontbreken er niet en worden stilletjes aangeduid door het plaatsen van het dak waaronder de Heilige Familie schuilt.
De boodschap van Kerstmis van Gods heil en menslievendheid kent geen grenzen. Ze is bedoeld voor alle volkeren ten alle tijden.

Hoe zou u de boodschap van Kerstmis willen uitbeelden? In uw eigen woorden? In een creatief werk? In gebaren vol van goedheid en genegenheid tegenover anderen?

Ook dit jaar maakt de Japanse kerststal deel uit van de tentoonstelling van internationale kerstkribben en is tot 6 januari 2019 te zien in de Brusselse kathedraal.

 

Wilt u alvast een kijk nemen, klik dan:

Lees meer...

 

 

Terugblik op 50 jaar priester -Frans van HumbeeckOp de Sankuru-rivier in Lusambo 1971

 

Deel II-missie in Afrika en elders

 

Het begin van 40 jaar verblijf in Afrika 

In september 1969 vertrok ik voor de eerste keer naar de provincie Oost-Kasaï in zuidelijk-centraal Kongo. Toen ik in de Kasaï toekwam waren er 284 Scheutisten werkzaam.

Het begon slecht: na amper 10 dagen kreeg ik zware dysenterie. Ik was bijna in paniek. Ik had, toen ik 15 à 16 jaar oud was, een serieuze hepatitis opgedaan en in Scheut had men mij in de beginjaren afgeraden om Kongo als missiegebied te kiezen. Ik dacht nu: ‘Men had gelijk. Ik ben niet geschikt voor dit klimaat.’ Gelukkig was er een confrater die me geruststelde: hij zei me: “Dat is aanpassing aan het klimaat; ik heb dat ook meegemaakt toen ik hier aankwam.” Ik werd naar Ngandajika gestuurd bij een Vlaamse dokter (hij zou later vele jaren in het Tropisch instituut in Antwerpen werken). Ngandajika ligt op ongeveer 100 km van Tshilomba waar ik ziek geworden was. Na een tiental dagen was ik genezen en vertrok met een grote camion naar Kabinda waar ik mijn eerste benoeming kreeg. Normaal gezien zou ik reispater geworden zijn in de verre missie van Kalonda maar omwille van mijn gezondheid bleef ik in Kabinda en werd er leraar in het klein seminarie. Ik moest er na drie dagen al beginnen lesgeven o.a. latijn in de poësis, wiskunde, biologie en ook lichamelijke opvoeding. Het werd een mooie tijd en ik voelde me echt op mijn gemak met de seminaristen en ook in de gemeenschap die bestond uit vier broeders, een pater Scheutist, twee Congolese diocesane priesters en twee jonge Belgen.

Het was het begin van 40 jaar verblijf in Afrika. Ik zou in de loop van de jaren regelmatig veranderen van taak, plaats, provincie en zelfs van land. Het is misschien één van de bijzonderheden van mijn missieleven dat ik zovele keren van missieprovincie veranderde. Volg maar: van Oost –Kasaï naar de USA. Vervolgens naar Vlaanderen, Kinshasa, Oost-Kasaï, West-Kasaï, Kinshasa, Kameroen en uiteindelijk België. Het is wel een zeer ongewoon parcours dat ik aflegde. Alles tesamen had ik 14 benoemingen.

Lees meer...

Logo CICMVisietekst

Onze missionaire aanwezigheid

We zijn een gemeenschap van scheutisten.

Vanuit een missionaire visie
en als religieuzen uit verschillende culturen
willen we in kleine solide multiculturele gemeenschappen
aanwezig zijn in multiculturele milieus
als zuurdesem in de wereld.
Zo geven we een getuigenis dat het mogelijk is
om samen te leven en te werken.


Samen

 

Vanuit een vernieuwde pastorale visie
staan we ten dienste
vooral van mensen aan de rand van de maatschappij.

Via lokale initiatieven
willen we verbondenheid creëren tussen mensen
over de verschillen van culturen en religies heen.

We doen dit het liefst in samenwerking met partners
en animatoren in bestaande structuren.

 

Als kleine groep van actieve confraters op het terreininternationale gemeenschap

zijn we verbonden met de oudere confraters in onze gemeenschappen en elders.

Ons engagement wordt ook door hen
gedragen en aangemoedigd.

Zo blijven we samen, oud en jong,
trouw aan de geest van
cor unum et anima una,
één van hart en één van geest.

 

 

 

 

 Provinciaal Bestuur BNL 

 

 

VAN HUMBEECK 6Terugblik op 50 jaar priester

 

Op 4 augustus van dit jaar was het 50 jaar geleden dat ik priester gewijd ben in de grote kerk van Scheut (Anderlecht). We waren met 13 Vlamingen die dag. Een Waals confrater en 2 Nederlandse medebroeders waren al priester gewijd in juli. Een derde Nederlander is een jaar later priester geworden.

In 1969, ben ik voor de eerste keer naar mijn missiegebied van de Oost-Kasaï in Kongo afgereisd.

Naar aanleiding van dit gouden priesterjubileum wil ik even terugblikken naar de beginjaren in Scheut en naar mijn missie-ervaring ginds en hier.

Deel I: roeping - intrede -vormingsjaren


1. Hoe ik Scheutist geworden ben

Eigenaardig hoe ik in Scheut terecht gekomen ben! Want 4 maanden voor mijn intrede op 7 september 1962 had ik nog nooit een Scheutist ontmoet. En toch stond ik daar op 7 september, met nog 23 andere jonge mannen, in een grote kring voor het Mariabeeld in het park van Zuun om het noviciaat te beginnen.

Waarom Scheut? Omdat ik missionaris wilde worden.

Waarom missionaris? Ik weet het nog altijd niet goed. Misschien omdat ik heel veel interesse had in aardrijkskunde en vreemde landen. Misschien omdat ik opgevoed ben in een diep christelijk gezin waar gebed en gratis inzet voor anderen belangrijk waren. Wellicht ook omdat de retraitepredikant in de poësis, aan wie ik mijn verlangen na veel aarzelen meedeelde, me Scheut aanraadde boven andere congregaties. En ook omdat onze onderpastoor van toen me juist hetzelfde zei. Maar er is nog een diepere reden waar ik met schroom over schrijf.

Lees meer...

 

EEN CHRISTEN EN EEN MOSLIM ONDER ÉÉN DAK:

EEN ECHTE MISSIONAIRE UITDAGING

 

one heartDe wereld waarin we leven kan je van langsom meer als multicultureel, interreligieus en pluralistisch ervaren. Kijk rondom jou. Waar komen je buren vandaan? Welke taal spreken ze? Hoe zit dat met hun godsdienst? Dan merk je snel wat multiculturaliteit wil zeggen.

In het katholiek onderwijs wordt meer en meer gesproken over dialoogscholen. Het christendom wordt er niet langer onderwezen als de enig zaligmakende religie. De leerlingen worden uitgenodigd om in de eerste plaats te luisteren, respect op te brengen, verdraagzaam te zijn, enz. Een goede basis om een dialoog aan te gaan met andere godsdiensten en culturen.

Niemand verbaast er zich nog over dat er maar drie kinderen van een klas van pakweg twintig ingeschreven worden voor de eerste communie. De meesten zijn moslim, anderen geloven helemaal niet en de ouders van de rest liggen niet wakker van hun katholiek geloof.

Parochies, bisdommen en de hele Kerk functioneren binnen dezelfde context. Ik vraag mij af of dit nieuw sociaal en cultureel landschap zelf niet de grootste missionaire uitdaging is voor ons. Welke houding willen wij aannemen? Welke christelijke waarden bieden ons de meeste inspiratie in deze nieuwe context?

Ik loop al een tijdje met deze vragen rond en dat brengt mij ertoe om met jullie een ervaring uit 2017 te delen. Op uitnodiging van de stad Menen, verleende ik gastvrijheid aan een Irakese moslim. Wij hebben zes maanden onder hetzelfde dak geleefd. Een rijke ervaring die ik met u wil delen!

 

Welkom onbekende!

De stad Menen organiseerde in 2017 een festival rond het thema Zielzoekers. Het was bedoeld om het samenleven tussen autochtonen en allochtonen te bevorderen en om een bijdrage te leveren tot een beter inzicht in de migrantenproblematiek. Gedurende drie dagen werden toneelstukken opgevoerd, exposities gehouden en films over andere culturen vertoond. Inwijkelingen speelden er de hoofdrol.

Mijn Irakese gast is nu dertig en heeft faam verworven in de theaterproductie in Vlaanderen. De stad had hem gevraagd om een en ander op poten te zetten rond migratie met medewerking van de inwoners van het vluchtelingencentrum. Op het festival zou de voorstelling plaatsvinden met de vluchtelingen als acteurs. Hij moest daarom ergens in Menen kunnen verblijven gedurende een zestal weken. De voorbereiding van een stuk vraagt tijd: je moet een goed concept bedenken, de acteurs leren kennen en met hen diepgaande gesprekken voeren, foto’s nemen, repeteren, enz.

Ik werd dus uitgenodigd om deze man onderdak te geven. Gedurende zijn hele verblijf deelden we dezelfde keuken, douche, toiletten… en namen we onze maaltijden samen.

 

Lees meer...

KERSTMIS 2017

 

“…een dak boven wat hoofden…” (Huub Oosterhuis)


Op 22 november jongstleden heeft Kardinaal Jozef De Kesel, voorzitter van de Belgische Bisschoppenconferentie, samen met de Sint- Egidiusgemeenschap en vertegenwoordigers van alle erkende godsdiensten in ons land met de staatssecretaris voor immigratie een verklaring ondertekend, die het zal mogelijk maken 150 Syrische vluchtelingen via een humanitaire corridor in België te ontvangen.

Begin januari 2018 zullen 100 vluchtelingen in de Belgische bisdommen onthaald worden. Het gaat hier om mensen, die bijzonder kwetsbaar zijn: kinderen, bejaarden, zieken en gehandicapten.
De lokale kerkgemeenschappen, kerkelijke en religieuze organisaties zullen voor huisvesting zorgen en voor de nodige begeleiding in de eerste periode van hun verblijf.

Veel vrijwilligers, veel mensen van goede wil, die zich beschikbaar stellen worden gevraagd om mee te werken aan een warm onthaal, waar genegenheid en respect voor ieder centraal staan. We zijn allen meer dan ooit uitgenodigd ons hart open te stellen voor de vreemdeling in ons midden.

Dit initiatief vol menselijke bewogenheid brengt ons bij de kern van Kerstmis, bij het mysterie van de menswording, het mysterie van God, die de ellende van zijn volk ziet, zijn jammerklachten hoort, zijn lijden kent, een God die afdaalt en naar ons toekomt.

Het zoeken naar een dak, gesloten deuren en harten van kleinen, die open gaan houdingen die deel uitmaken van ons menszijn. Ze zijn van alle tijden. In het Bijbelse Kerstverhaal opgetekend door de Evangelist Lucas, lezen we:

In die tijd kondigde keizer Augustus een decreet af dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven. Deze eerste volkstelling vond plaats tijdens het bewind van Quirinius over Syrië. Iedereen ging op weg om zich te laten inschrijven, ieder naar de plaats waar hij vandaan kwam. Jozef ging van de stad Nazareth in Galilea naar Judea, naar de stad van David die Bethlehem heet, aangezien hij van David afstamde, om zich te laten inschrijven samen met Maria, zijn aanstaande vrouw, die zwanger was. Terwijl ze daar waren, brak de dag van haar bevalling aan, en ze bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene. Ze wikkelde hem in een doek en legde hem in een voederbak, omdat er voor hen geen plaats was in het nachtverblijf van de stad. (Lucas 2, 1-7)

Het zijn de herders, mensen zonder aanzien, die buiten de stad leven en ’s nachts op de velden over hun kudden waken, die als eersten de Blijde boodschap van de geboorte van Jezus ontvangen. Zij laten zich raken en gaan op weg:

Herdertje met hond Herderinnetje met schapen

 

Toen de engelen waren teruggegaan naar de hemel, zeiden de herders tegen elkaar: ‘Laten we naar Bethlehem gaan om met eigen ogen te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons bekend heeft gemaakt.’ Ze gingen meteen op weg, en troffen Maria aan en Jozef en het kind dat in de voederbak lag. Toen ze het kind zagen, vertelden ze wat hun over dat kind was gezegd. Allen die het hoorden stonden verbaasd over wat de herders tegen hen zeiden, maar Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef erover nadenken. De herders gingen terug, terwijl ze God loofden en prezen om alles wat ze gehoord en gezien hadden, precies zoals het hun was gezegd. (Lucas 2,15-20)

 

In de Japanse Kerststal, die deel uitmaakt van de interculturele kerstkribbententoonstelling in de kathedraal van Brussel en die er t/m 7 januari 2018 te bezichtigen is, heeft Pater Willy Heijmans, naast elementen uit de Japanse cultuur en de geschiedenis van het christendom in Japan ook hedendaagse onderwerpen verwerkt.

“Voor het jaar 2015, ’n jaar gedurende hetwelk onnoemelijk veel vluchtelingen in Europa onderdak zoeken, dacht ik dat het goed zou zijn om ook voor Jozef, Maria en Jezus een schamele woning klaar te maken, terwijl we bidden, dat alle vreemdelingen waardig opgevangen mogen worden.” (Willy Heijmans)

Nieuw Kerststal 2017Scheutisten zijn op vele plekken, waar ook ter wereld, en op allerlei wijze betrokken bij het onthaal van ontheemden, van vluchtelingen, van mensen die, voor oorlogsgeweld, natuurrampen, discriminatie en vervolgingen vluchtend op zoek zijn naar een nieuw thuis, naar een menswaardig bestaan, naar een veilige toekomst voor hen en hun kinderen.

Zo blijft het wezenlijke van de Kerstboodschap in het leven en werk van Scheutisten levendig en dit niet enkel durende de feestperiode.

Lees ook:

Kerstverhaal_uit_Zambia