Pater Jozef Van Keerberghen
In memoriam Van Keerberghen Jozef

 

Geboren te Sint-Pieters-Leeuw op 18.02.1924

Religieuze geloften op 08.09.1943

Priester gewijd op 01.08.1948

Missionaris in Congo (KAS) van 1949 tot 1995 en daarna in België

Overleden in Sint-Pieters-Leeuw op 02.02.2016

 

 

Jozef werd geboren in een gezin met 6 kinderen en van de ouderlijke hoeve in Sint-Pieters-Leeuw naar het noviciaat van Zuun, dat daar zopas zijn intrek genomen had, was het dus niet ver. Na de klassieke vormingsjaren in Scheut kon hij in 1949 vertrekken naar Kasaï waar hij eerst directeur van de lagere school en vervolgens leraar aan de normaalschool werd. Maar in 1953 werd hij naar de Universiteit van Leuven gestuurd om er een licentiaat in de pedagogische wetenschappen te behalen. Na zijn terugkeer, in 1956 reeds, werd hij de verantwoordelijke van het onderwijs in het bisdom Kananga en dat zou hij blijven tot 1988. Hoewel hij er alleen al in de lagere scholen 100.000 leerlingen had, wist hij dat vanaf 1977 nog te combineren met zijn werk als secretaris van het bisdom, en vanaf 1985 voerde hij nog een actie ten voordele van kinderen met lichamelijke of verstandelijke beperkingen voor wie hij 7 centra oprichtte. In 1995 keerde hij definitief naar België terug, maar niet om te rusten. Eerst was hij werkzaam op de parochie in Vlezenbeek en toen hij in 2001 zijn intrek nam in het missiehuis van Zuun bleef hij nog veel dienst bewijzen, niet alleen aan zijn confraters maar ook in twee Woon- en Zorgcentra in Sint-Pieters-Leeuw.

De teksten voor zijn rouwbrief en gedachtenisprentje, en ook voor de uitvaart, heeft Jozef zelf voorbereid. “God is mijn herder” en “naast mij gaat Hij” staat er telkens in vetjes. Ja, God was zijn herder, en in zijn spoor volgde Jozef en werd ook een herder die bergen werk verzet heeft. Zijn hele leven is een getuigenis geweest van zijn geloof in en zijn vriendschap met de verrezen Heer Jezus. Hij had vele talenten en hij heeft ze gebruikt. Als jonge pater had hij het geluk van een goede confrater-pastoor te treffen en kennis te maken met de nood aan degelijk onderwijs. Bijna 40 jaar is hij verantwoordelijk geweest voor het onderwijs in het bisdom, voor, tijdens en na de onafhankelijkheid. Een bewijs dat hij een overlever was en kon doorwerken in de moeilijkste omstandigheden. Hij kon samenwerken met de leerkrachten en de directies. Hij moest soms moeilijke beslissingen nemen, maar zijn opvolger getuigt van hem: “Een rechtvaardig man met een gestrenge goedheid”. Zelf schrijft Jozef: “Als verantwoordelijke van het onderwijs in het Aartsbisdom moest ik het nodige doen opdat de onderwijzers en de leerlingen van het lager onderwijs, bijna 100.000 leerlingen, over de nodige schoolboeken zouden beschikken. Het was voor mij aangenaam schoolboekjes op te stellen in het Tshiluba, de voertaal van het onderwijs. Meestal werd ik daarbij geholpen door sommige directeurs of onderwijzers. Het zou te lang zijn om hier van de opgestelde boekjes een lijst te maken.”

In Congo zei men van hem dat hij een baobab was, een grote boom waar de gemeenschap kan onder verzamelen. In zijn talrijke publicaties wordt het duidelijk dat hij niet alleen een goed opvoedkundige was, maar ook een goede geschiedkundige en een etnograaf, met groot respect voor de Afrikaanse mensen. Hij was er niet alleen voor de sterke en hoogbegaafde. Vandaar zijn inzet voor de kinderen met een beperking. Door hen een vakkundige vorming te geven maakte hij duidelijk dat ook deze mensen een menswaardig leven kunnen leiden en veel betekenen voor de gemeenschap.

Toen hij een jaar geleden, op 91-jarige leeftijd, plots te horen kreeg dat hij ongeneeslijk ziek was, hij die altijd kerngezond en ijzersterk geweest was, wist hij dat op een bewonderenswaardige wijze te aanvaarden en zijn afscheid bewust voor te bereiden. Ook nu voelde hij dat God zijn herder was, en dat hij met Hem mocht meetrekken. Voor ons toch nog totaal onverwacht is hij in het eerste uur van O.-L.-Vrouw-Lichtmis voorgoed met zijn Herder meegegaan. Zijn taak was volbracht. Wellicht zal hij met de oude Simeon gebeden hebben: “Uw dienaar laat gij, Heer, nu naar uw woord in vrede gaan: mijn ogen hebben thans uw Heil aanschouwd dat Gij voor alle volkeren hebt bereid, een licht dat voor de heidenen straalt, een glorie voor uw volk”. We kunnen alleen maar dankbaar zijn voor zo’n vruchtbaar leven, en bidden dat hij van het eeuwig geluk moge genieten bij zijn Herder.

 

Emiel VAN DE VELDE