Verwezenlijkingen

Het is natuurlijk onmogelijk alles te vermelden wat ooit door missionarissen van Scheut gerealiseerd werd. Evenmin is het onmogelijk een volledig overzicht te geven van wat tegenwoordig nog in verschillende landen door hen gedaan wordt. Wel willen we hier duidelijk trachten te maken op welke manier enkele confraters trachten het Rijk Gods een concrete gestalte te geven voor de mensen bij wie ze zich bevinden.

 

 

 

 

Jan Hanssens in Haïti, na de aardbeving van 2010

 

verwezelijking Hati 1

Na de aardbeving van januari 2010 werd veel solidariteit betoond met het volk van Haïti en de confraters van Scheut die er werkzaam zijn. Noodhulp werd letterlijk opgevat om heel wat mensen in nood te helpen en bij te staan in een moeilijke periode. De eigen inspanning van de mensen, de zogenaamde informele sector en de Haïtiaanse diaspora moeten zeker worden vermeld als voorname actoren van de wederopbouw, naast de inbreng van allerlei NGO.

In een rapport aan vrienden en weldoeners gestuurd in augustus 2011, lezen we: “We hebben een totaal van  935.080 toegekend aan hulp, er blijft (juli 2011) nog een kleine balans. Verder is er nog de provisie voor de heropbouw van ons provinciaal huis, die, na enkele uitgaven ten belope van € 4.960, nog steeds € 214.689 bedraagt. Die provisie betreft vooral solidariteit vanuit de Congregatie en giften waarvan duidelijk werd gesteld dat het gaat over de heropbouw van ons gemeenschapshuis voor de confraters en Haïti, want dat is de betekenis van « provinciaal huis ». We hopen dit jaar nog aan die wederopbouw te kunnen beginnen.

Uiteindelijk werd beslist om het gemeenschapshuis van Scheut niet te herbouwen daar waar het voorheen stond (Morne St Gérard - Carrefour Feuilles). De hoofdreden is dat de site niet zo eenvoudig is om erop te bouwen. Een omheiningsmuur alleen zou reeds het grootste deel van de beschikbare som hebben opgebruikt. In 2015 werd een bestaand ruim huis aangekocht en aangepast aan de behoeften van de groep. Dit huis is gelocaliseerd in Delmas 83, Rue Pie, n. 5. Het huis beschikt over 13 kamers en burelen voor de locale administratie, naast de gemeenschappelijke ruimten, zoals kapel, refter et gemeenschappelijk salon. Sedert oktober 2015 wonen 5 confraters er als vaste bewoners.

26/07/2016

 

 

 

Ivo Vanvolsem in Kananga, Congo

 

Ons opvangcentrum voor daklozen ‘Bron van leven’ neemt dagelijks mensen op met heel wat ingewikkelde verhalen over familieontwrichting, verwaarlozing, uitstoting en extreme armoede. Jaarlijks melden zich ongeveer 500 daklozen aan, van wie 80 tot 90% verwaarloosde kinderen zijn die op straat doelloos rondslenteren. Sinds enkele jaren hebben we ook te maken met een bijzonder nieuw verschijnsel: ouders die met een zwaar gemoed langskomen om ons te melden dat hun kind ontvoerd is naar Kinshasa. Het gaat om arme kinderen tussen 10 en 15 jaar die met mooie beloften worden meegelokt naar Kinshasa om er zogezegd naar school te gaan, goed te eten en mooie kleren. In Kinshasa worden deze kinderen verkocht aan dievenbenden die hen leert professioneel te stelen.

Dankzij de samenwerking tussen ons en verschillende gelijksoortige centra in Kinshasa, worden heel wat van die ontvoerde kinderen ten slot teruggevonden en per humanitaire vluchten van de UNO terug naar Kananga gebracht waar wij ze opvangen en aan hun ouders terugbezorgen. We hebben heel wat contacten met jeugdtribunalen en staatsdiensten hier in Kananga en in Kinshasa om de oprichting van een officiële opsporingsdienst van ontvoerde kinderen te stimuleren, (zoals child focus) maar we staan nog altijd alleen. Voor heel wat provincies is ons centrum het enige dat daadwerkelijk actief is in dit speurwerk. De staatsverantwoordelijken loven met mooie woorden ons opzoekingswerk, maar blijven als vriendelijke toeschouwers langs de weg staan om te applaudisseren. Er is dus nog heel veel werk om deze mensen een betere toekomst te kunnen geven.

 

1/12/2015

 

  

Mark Ockerman in Brazilië

verwezelijkingen ockermanDe ‘Família de Caná’ is een gemeenschap van jongens en meisjes die van de drugs af willen geraken. (rehabilitatie-centrum) Het is gelegen in Ribeirão Das Neves , een randstad van Belo Horizonte die zelf de hoofdstad is van de staat Minas Gerais. 

Ik ben er al meer dan 6 jaar werkzaam, samen met professionelen en andere ervaren medewerkers. Groepsdynamiek, gesprekken en uiteenzettingen over drugs zijn de middelen die wij aanwenden in de behandeling die zij daar ondergaan.  Gebed, handenarbeid en discipline staan bovenaan het lijstje. De menselijke en spirituele groei zijn van groot belang. Daarbij zorgen zij ook zelf voor alle taken in de gemeenschap. Taken zoals: brood bakken, groenten kweken, koeien melken, koken, poetswerk, werken in de tuin,… Iedere dag is er ook een gemeenschappelijke evaluatie van al hun activiteiten.

De groep die de gemeenschap leidt doet veel meer dan enkel maar ‘taken vervullen’. Het zijn ware opvoeders die zich bewust zijn van hun ‘missie’. Als priester missionaris en Scheutist voel ik mij daar op mijn plaats. Het maakt mij gelukkig wanneer ik ze zie veranderen als mens, en hoe ze ook terug de zin en de richting ontdekken van hun leven. Daar is God zelf aan het werk!

Na hun verblijf van 9 maanden in onze gemeenschap mogen ze naar huis. Het is een waarheid dat we soms ook moeten worstelen met vele moeilijkheden. Hervallen is dan ook gemakkelijk en daarom moeten we blijven ondersteunen. We trachten hen en hun familie daarin zo goed mogelijk bij te staan.

20/05/2015

 

 

Frans Jansen in Mexico

1

De rechtspraak is één van de voornaamste problemen van Mexico.

De Mexicaanse gevangenissen zijn een weerspiegeling van deze problematiek en corruptie, misbruiken, overbevolking, ellende, geweld, gemis aan hygiëne, onrecht, enz. De 'Reclusorio Norte' (Noord gevangenis) van Mexico Stad is er een voorbeeld van. Het is een van de belangrijkste gevangenissen van de Mexicaanse hoofdstad. Ze werd  gebouwd voor 4000 gedetineerden. Op dit ogenblik overleven daar meer dan 12000 mensen; ongeveer de helft van hen zonder vonnis. Er zijn cellen voor 4 personen waarin er meer dan 60 huizen; het percentage drugsverslaafden beloopt meer dan 82%; licht en water zijn er schaars; het eten dient aangekocht. Alles kost er geld.

Het merendeel van de gevangenen zijn jongeren, gevangen voor kleine vergrijpen. Ze zitten allemaal door elkaar: moordenaars, dieven, oplichters, verkrachters, drugsdealers, onschuldigen, enz. In deze chaos zijn er ook 

Sueño Samaritano is een huis voor kort verblijf; het onthaalt mensen die uit de gevangenis komen, in hoofdzaak diegenen die alleen staan en geen financiële middelen hebben. Ze krijgen er een slaapplaats, voeding, een bad, kleding, gezelschap en een gezonde,omgeving. Er is geestelijke bijstand, menselijke oriëntering, rechtsbijstand en basisinformatie. Er zijn plannen voor nog meer diensten, zoals: medisch consult, cursus-sen voor menselijke ontwikkeling en voor training in beroepsbekwaamheid, enz.  Alles gratis.kwetsbare groepen zoals: mindervaliden, geesteszieken, ... Omzeggens niemand heeft geld voor een advocaat of voor een minimum aan ondersteuning. Velen verliezen er alles, tot zelfs hun familie. In dit panorama is de 'Casa Sueño Samaritano' (de Samaritaanse Droom) ontstaan, om deze wrede omstandigheden te verlichten, steun te bieden aan de gedetineerden die er in slagen vrij te komen, hun sociale re-integratie te bevorderen en een christelijk getuigenis te geven

 

 

 

 

Jos Das in Kinshasa

 

 

verwezenlijkingen das

Niet bouwen, geen projecten, ook geen pastoraal werk op een parochie. Sinds drie jaar ben ik verantwoordelijke van het bezinningscentrum van de Scheutisten in Kinshasa, Centre Théophile Verbist genoemd. Wij ontvangen er priesters, broeders, zusters, leken die zich voor een tijd willen terugtrekken in de stilte, om bij de Heer te zijn, en om even stil te staan, om te onthaasten, om hun leven even van dichterbij te bekijken, en in de diepte. Soms komen zij alleen, anderen drukken het verlangen uit om een vormingssessie te volgen, samen met anderen. Deze momenten zijn absoluut nodig voor de menselijke en geestelijke gezondheid. Na vele jaren intense inzet voor de anderen, zijn zij soms erg moe, uitgeput zelfs. Een tijd om wat met zichzelf bezig te zijn is dan geen luxe maar een noodzaak. In het kerkelijk jargon wordt dit sabbattijd of voortgezette vorming genoemd.

Meestal komt daar ook persoonlijke begeleiding bij, menselijke en geestelijke. Daar gaat het meeste van mijn tijd in. Het is met hen een stukje op weg gaan, zoals Jezus het deed met de twee leerlingen op weg naar Emmaüs, of even stilzitten bij de put zoals Hij het deed met de Samaritaanse vrouw. Het bestaat er vooral in te luisteren, zodat zij hun verhaal kunnen doen, eenvoudig en openlijk. In de twee verhalen van het Evangelie zien we dat het de eerste stap is: kunnen uitspreken wat ze in hun hart meedragen, hun vreugden, verwachtingen, ontgoochelingen, mislukkingen, misstappen, zonder beoordeeld op veroordeeld te worden. Daarna kan ik dan ook een woord van aanmoediging spreken, verwijzen naar een tekst uit het Evangelie die wat licht kan werpen op hun leven, of ook een goed boek aanprijzen. Stilaan komt er weer hoop, toekomst. De Heer doet zijn werk in hun hart. Het leven wordt weer mooier, boeiender, de moeite waard. Hun vertrouwen groeit. Dit alles zal ook ten goede komen aan hun apostolaat, want de mensen hebben nood aan blije en enthousiaste leiders en missionarissen. Geen wereldvreemde spiritualiteit, maar een bezinning die hen op weg zet om zich met nieuwe moed in te zetten voor hun medemens, voor een broederlijker maatschappij.

Meestal loopt deze periode uit op diepe dankbaarheid, op blijheid en op een nieuw enthousiasme. Getuige mogen zijn van het werk van God in het hart en het leven van mensen, vernieuwt ook mijn inzet en vervult ook mijn hart van dankbaarheid. Zo ziet men dat wie geeft ook heel veel ontvangt.

Jos Das, Scheutist in Kinshasa

 

 

 

Jan Hoet in Haïti

 

 

In Haïti is zo’n tachtig procent van de bevolking jonger dan achttien. In dit nagenoeg armste land ter wereld hebben zij niet alleen weinig of niets te eten, maar krijgen vooral te weinig kansen om iets van hun leven te maken. Velen kunnen niet eens naar school, en een kind dat niet naar school kan, kan nooit uit de vicieuze cirkel van de armoede geraken. Studie is de hefboom voor een betere toekomst.verwezenlijkingen hoetOm de jongeren te bereiken organiseerde Jan allerlei activiteiten, zoals kaarten, film kijken en vooral sport beoefenen. Zelf ooit een fervent sporter richtte hij zeventien jaar gelden de sportbond Banzaï op. Het begon met vijftien meisjes. Vandaag telt de club vierhonderd leden, jongens en meisjes, en zes ploegen in competitie.In 2005 richtte hij ook een onthaaltehuis op voor studenten zodat kinderen na hun lagere school verder kunnen studeren. In ruil voor de kansen die ze aldus krijgen verwacht hij natuurlijk goede schoolresultaten van de kinderen, maar ook op andere vlakken is hij veeleisend. “Ik verlang dat alle studenten aan wie ik onderdak geef in een goede verstandhouding samenleven. Ik vind het ook belangrijk dat ze contact houden met hun familie.”Toch zinkt de moed hem soms in de schoenen als hij kinderen moet weigeren omdat hij geen bed meer vrij heeft. Vaak heeft hij geldzorgen, want onderwijs kost handenvol geld in Haïti. Geregeld komen zijn studenten extrageld vragen voor schoolmateriaal, een computer of dergelijke. Met dertig studenten in huis loopt dat soms aardig op, zodat hij er wel eens slapeloze nachten aan overhoudt. Maar de weinigen die hij daadwerkelijk kan helpen zijn toch geen druppel op een gloeiende plaat. Dat handjevol creëert een sneeuwbaleffect, want op hun beurt zetten deze studenten zich in voor anderen die minder geluk hebben in het leven. Zo startte Floraine, een oud-studente die nu als landbouwingenieur werkt, in haar geboortestreek een project om kansarme jongeren een technische opleiding te geven. Zo wordt het meer dan een druppel, maar een hele stroom die leven geeft.

 

 

Missie in Lisala, Kongo

 

 

Mensen zijn vaak nieuwsgierig naar wat wij, missionarissen juist doen op onze missiepost. Hieronder kan je lezen wat we de nabije jaren hebben kunnen realiseren. Al was het maar het begin, want hulp is er nooit genoeg.

Materieel gezien hebben we meegewerkt aan de bouw van 3 klaslokalen en het maken van tientallen schoolbanken, belangrijk was ook het operationeel maken van een grote waterput en  het aanleggen van een stuk waterleiding.


Ik ben er meer en meer van overtuigd dat het er niet zozeer om gaat wat ik doe, maar op de eerste plaats om wie ben ik voor hen. En dus moet mijn eerste bekommernis zijn: ben ik wel een teken van hoop tussen de mensen? Heb ik hen  in hun moeilijkheden  kracht gegeven  om wat meer hun leven in handen te nemen, een lichtpuntje dat hen aantrekt, een teken van een andere wereld naar de droom van God?

Gebouwen kunnen vernield worden, schoolbanken kunnen gestolen worden; wat gisteren gloednieuw was kan na zekere  tijd onderkomen zijn. Maar de waarden die mensen  zich toegeëigend hebben houden stand. Ik denk aan die honderden mensen met wie  wij op stap geweest zijn als een protest tegen de uitzichtloze oorlog in het oosten van Congo .

Er is nog veel werk aan deze pracht plaats, maar hoop doet leven.

 

Ferre Degroote

 

Meer artikelen...

  1. verwezenlijkingen_haiti