Kerstviering in de gevangenis


Pater Jan Raquet bezoekt regelmatig gedetineerden in de gevangenis van Sint-Gillis. Hij vertelt over de Kerstviering.


Kerstmis. Het keert ieder jaar terug… ook in de gevangenis van Brussel Sint-Gillis. Ieder jaar hoor ik van de bewakers dezelfde opmerking: de mensen worden stiller, sommigen moeilijker om mee om te gaan want heimwee naar hun familie in kerststemming drukt op hen.

In die sfeer proberen wij hen nabij te zijn: tonen dat iemand aan hen denkt, dat ze gewaard worden.
Jaren terug organiseerden wij, de katholieke aalmoezeniers, een bedeling van kerstpakketjes en vorig jaar konden wij het samen doen met bezoekers van verschillende christelijke kerken. Dit jaar zijn ook mensen die het islamitisch geloof belijden bijgesprongen. Vandaar dat we spreken van een “oecumenische colli”.
Wat zit er in zo een Kerstpakket? Twee stukjes fruit, een wafel, chocolade, toiletgerief en een wenskaart.
We zijn prachtig geëvolueerd in het samendoen onder de zingevingsgroepen.
Maar voor 900 mensen zakjes samenstellen is veel werk. De directie stak een grote hand toe: acht gedetineerden werkten er enkele dagen aan voor de ronddeling. Per vleugel heeft de bewaking de verdeling op zich genomen. Dat schept een aangename sfeer in de gevangenis.

Wij katholieken vierden de Kersteucharistie een week vóór het feest. Onze kardinaal, Jozef De Kesel ging voor in de twee vieringen, elk met 60 personen. Een kerkkoor uit Woluwe (20 dames) kwam zingen en werd begeleid door een fluitspeler. Wanneer je dagelijks opgesloten zit in een klein celletje zonder vrijheid te genieten en dan eens met lotgenoten in een feestsfeer mag samenkomen, dan vergeet je voor een paar uren al je zorgen en keer je ontspannen terug naar de dagelijkse sleur van de detentie.
Dit jaar ging, bij het begin van de eucharistieviering, plots de deur open en kregen wij bezoek van minister Koen Geens. Hij kwam met ons meevieren en zonder enig uitleg wie hij was ging hij tussen de mensen zitten. Pas bij zijn vertrek werd hij voorgesteld. Dit was om veiligheidsredenen.

Twee mensen die hen willen ondersteunen: onze kardinaal en de minister van justitie samen met de protestantse, orthodoxe en katholieke kerken en vertegenwoordigers van de Islam. Fijn!
Dan hoor je wel zeggen: ”Toch nog iemand die aan ons denkt… Dank U!”

Kerstmis is een oproep tot menswording. In Sint-Gillis, trachten wij dit op onze manier en in deze omstandigheden waar te maken.

JAN RAQUET

 

 

 

Kerstverhaal uit Zambia

 

Het is de tijd die je verloren hebt voor je roos die je roos zo belangrijk maakt


Enkele dagen voor het begin van de Advent kwam bij ons een klein zwart prinsje aan, broos en lichtend zoals de sterren die schitteren aan het firmament. Hij scheen uit een andere planeet gevallen te zijn. Geleidelijk aan is hij de belangrijkste persoon geworden van onze grote familie. Hij heet Laston, is zeven maanden oud en de planeet van waar hij komt draagt een vreselijke naam: ‘dood en ellende’. Wanneer je de geschiedenis van deze baby zult kennen, zal je beter het waarom begrijpen van de naam van die vervloekte planeet.

Iets meer dan drie jaar geleden verloor de grootmoeder van onze baby haar schoondochter: zij blies haar laatste adem uit enkele dagen na haar bevalling van een kleine jongen. De katholieke gemeenschap van Munema, het dorp waar de overledene en haar familie woonden, vroeg me om een plaats te zoeken voor de pasgeborene. De Zusters van Moeder Teresa van Calcutta gaven een positief antwoord op mijn vraag en bereidden zich voor om de baby op te nemen. Maar toen ik reeds op weg was naar Munema vernam ik dat de grootmoeder van de baby besloten had het kind bij zich te houden en ervoor te zorgen. Enkele maanden later kreeg ik bericht dat jammer genoeg de baby zijn moeder gevolgd was naar het hiernamaals. Op 24 april van dat jaar bracht de dochter van dezelfde grootmoeder een tweeling ter wereld: onze Laston en een meisje. Tien dagen later stierf de moeder en de grootmoeder nam de zorg voor de tweeling op zich. Na enkele dagen stierf het meisje. Zo goed en zo kwaad als het kon probeerde de grootmoeder om de kleine overlevende in stand te houden, maar door gebrek aan middelen scheen de baby dezelfde weg te zullen opgaan als zijn nichtje, zijn moeder en zijn tweelingzusje. Bij het zien van dit droevig schouwspel van ellende en dood vroeg de katholieke gemeenschap van Munema mij om de baby bij ons op te nemen. Aanvankelijk verzette de grootmoeder zich heftig tegen dit voorstel. Toen nam Mevrouw Mwanza, leader van de gemeenschap, contact met de vader van de baby. Na de dood van zijn echtgenote was de man teruggekeerd naar zijn geboortestreek, niet ver van Livingston, op meer dan 600 km van Munema. Veel praten was niet nodig om hem te overtuigen. Hij wist zeer goed dat zijn schoonmoeder, spijts al haar goede wil, niet in staat was om voor Laston te zorgen. Hij stemde er dus mee in dat zijn zoontje bij ons kwam wonen. Zonder veel enthousiasme moest de grootmoeder toegeven en aanvaardde zij haar kleinkind te zien vertrekken. Daar ons huis zeer dicht bij Munema ligt (op ongeveer een uur lopen), beloofde zij haar kleinzoon zo vaak mogelijk te komen bezoeken.

Lees meer...

logo kerknet

 

ZUSTERS EN BROEDERS 

STEM VAN HET RELIGIEUZE LEVEN IN VLAANDEREN

 

Onlangs, op 11 oktober 2017, heeft Kerknet het bovenvermeld project gelanceerd.

“ Het was nu of nooit om het religieuze leven in Vlaanderen een stem te geven, ook voor nieuwe generaties.”

Aan deze veelstemmige digitale storytelling hebben 39 zusters en broeders hun medewerking verleend. Ze geven stem aan het religieuze leven in Vlaanderen.
39 boeiende verhalen over ingrijpende gebeurtenissen, betekenisvolle ontmoetingen en ontroerende ervaringen.
39 verhalen recht uit het hart, die tot je hart spreken.

Twee Scheutisten hebben aan dit project deelgenomen.

JAN REYNEBAU, de huidige provinciaal overste van de Belgisch-Nederlandse Scheut-provincie, leefde als missionaris vele jaren in Congo en Kameroen. Als jonge Scheutist wilde hij als broeder eenvoudig samenleven, dienstbaar zijn en delen met mensen waar hij woonde en werkte. Het priesterschap zag hij niet voor zich bestemd. Tot op de dag dat Mamu Barbe, Mamu Ndaya hem opzocht.

Beluister zijn verhaal. Klik op de volgende link:

https://www.kerknet.be/verhalen/tegen-mamu-barbe-zeg-je-niet-nee-jan-reynebeau 

 

Wie van ons heeft ze nog nooit meegemaakt?! Crisismomenten waar twijfels je overmannen en vragen rond de zin van je leven uit het diepste van je hart oprijzen en waar je je moe en uitgeput voelt. Ook voor religieuzen is deze ervaring niet vreemd.
Na 15 jaar intensief missionair leven is het JOZEF LAPAUW op 44-jarige leeftijd overkomen. Hij leefde toen in Santa Fé (Nieuw Mexico). Op retraite om te herbronnen maakte hij, in de woestijn van zijn leven, een diepe Godservaring mee, die hij tot heden in zijn hart bewaart.

Beluister zijn verhaal. Klik op de volgende link:

https://www.kerknet.be/verhalen/zonsopgang-new-mexico-jozef-lapauw

 

 

 

 

 

Dany2passeportSTUDIE SCHONE KUNSTEN

 

in dienst van de inheemse bevolking en van de Kameroense Kerk

 

Ter gelegenheid van zijn gouden priersterjubilieum, schetst Pater Dany Desmet voor ons zijn weg als Scheutist.

Voor het eerst zet ik mijn levenservaringen als missionaris op een rijtje.

In september 1968 werd ik van de ene dag op de andere in de brousse van Kameroen gedropt: geen water, geen elektriciteit, geen radio, geen TV, zonder de inlandse taal te kennen: een cultuurschok…. maar die me gunstig mijn verdere levenswijze zal beïnvloeden. Ik begon dus als “para mongo” (de pater die nog een kind is), wat betekent “te jong”, ik was 25.

Na 3 jaar vroeg men me “schone kunsten” te studeren in Brussel. Ik had vroeger al enkele muren vuil gemaakt in het klooster met mijn tekeningen. Doel: het opstarten van een mediacentrum waar didactisch materiaal kon worden gemaakt voor de ontwikkeling van de dorpen, vooral voor gezondheidszorg, maar ook het starten van een bank aangepast aan de brousse, “les caisses populaires d’épargne et de crédit”. Zonder elektriciteit konden we enkel reeksen van affiches (boîtes à images) gebruiken om toestanden aan te praten in de dorpen en ze te verbeteren door de inspanning van de mensen zelf.

Na een jaar terug in Kameroen leidde ik Kameroense tekenaars op en maakte ter plaatse het materiaal om grote affiches te drukken in linogravure en zeefdruk. Zeer vlug werd dit didactisch materiaal door internationale instanties geapprecieerd en de bisschop vroeg me te verhuizen naar de hoofdstad Yaoundé in de gebouwen van de bisschoppenconferentie. Het werd een successtory en langsheen Unicef, USAID en ambassades werden ze verspreid over verschillende Afrikaanse landen. Ik was ook consultant voor Unicef en gaf sessies over Afrika heen.

Lees meer...

De taal van de liefde leren spreken 

getuigenissen Mwako Emery JPG1

Gedurende mijn kindertijd in Kongo ontmoette ik Scheutisten, die in onze parochie werkten en onze moedertaal uitstekend spraken. Heden ten dage dankzij de vooruitgang van nieuwe technologieën, hebben mensen het veel makkelijker om een nieuwe taal te leren. Overal zijn er taalscholen. We dragen allerlei woordenboeken mee op zak. We vinden ze in onze mobiele telefoons of PC, in onze burelen. Decennia geleden was dit niet het geval. Vaak vraag ik me af hoe de missionarissen in het verleden een nieuwe taal leerden. En wat was hun ervaring in het begin van hun missie? Was het de ervaring van Babel of die van Pinksteren? Vandaar dat ik de hoop koester dat allen ooit eens één en dezelfde taal zullen spreken, die van allen begrepen zal worden.

Ik wil jullie laten delen in mijn ervaringen gedurende het leren van de Cebuano-taal en de Binisaya-cultuur in het Maryknoll-Instituut voor taal en cultuur (MILC) in Talomo, Davao City.

Lees meer...

Gevangenen bezoeken

Als missionarissen van Scheut trachten wij als internationale gemeenschap het universeel broederschap te beleven. Als gevangenisaalmoezenier in Brussel (Europese hoofdstad) kan dit Scheut-ideaal me inspireren.

De profeet Jesaja is toonaangevend: ”…de smeulende vlaspit niet uitdoven en het geknakte riet niet afbreken.” (Jes 42,3)

Heel de tijd hebben we te maken met gebroken mensen, gekwetst en op zoek naar rust en evenwicht in hun leven.

Ons publiek is erg internationaal zodat er veel taalbarrières bestaan: mensen die geen Frans of Engels spreken en vaak op cel zitten met anderstaligen en zich daardoor geïsoleerd voelen.

Tijd maken om met hun gebrekkige taalkennis toch tot een contact proberen te komen is een grote opgave voor ons aalmoezeniers.

Vertalen is een goed middel om vriendschapsbanden te smeden. We hebben ook vele mensen uit andere geloofstradities (sikhs, joden, boeddhisten, moslims…). Sommigen onder hen vragen naar onze vieringen te mogen komen om toch iets van een religieuze sfeer te ervaren. Eerbied voor deze diversiteit bouwt bruggen tussen mensen.

Buitenlanders zonder contact met hun familie tijdens de eerste fase van hun detentie kunnen we ook helpen om contact op te nemen met hun achterband. Vaak helpen wij hun met briefpapier, postzegels, bic, omslagen. Bij geldgebrek kunnen ze niet telefoneren of elementaire spullen kopen in de shop-kantine.

Onze mensen helpen om hun isolement te breken en hen genegenheid en vriendschap te laten ervaren is nodig om de detentie humaner te beleven. Zo beseffen zij dat ze –ondanks de begane misstap– hun waardigheid bewaren. Na hun vrijlating kunnen ze dan met hoop aan een nieuwe toekomst denken, hoe gesloten hun situatie ook is.

Jan Racquet, december 2016